Natuur en Milieu De Vechtstreek

Al meer dan 50 jaar hart voor natuur !

Wie geniet er nu niet van een prachtige, biddende Torenvalk vlak boven zijn hoofd? Deze kleine roofvogel staat namelijk al vliegend stil in de lucht. Al biddend speurt de Torenvalk de grond af op zoek naar muizen of misschien nog beter gezegd: naar urinesporen van muizen! Torenvalken zien namelijk ultraviolette kleuren hetgeen betekent dat zij urinesporen kunnen waarnemen vanuit de lucht.  Daarom bestaat het voedsel van een Torenvalk grotendeels uit muizen. De Torenvalk onderscheidt zich in zijn jachtmethode van andere valken: bv de Boomvalk en de Slechtvalk  vangen hun prooien meestal in de lucht. De Torenvalk eet bij een tekort aan muizen ook wel andere soorten vogeltjes en kevers.

Het ging in het verleden niet altijd goed ging met de soort. Toen men  in de landbouw nog ongehinderd pesticiden mocht gebruiken ging het slecht met de prachtige Torenvalk omdat de muizen min of meer werden vergiftigd. Het was geen dodelijke dosis maar door het eten van veel muizen ( een Torenvalk eet ongeveer 4 tot 6 muizen per dag ) hoopten deze toxinen zich op in het lichaam van Torenvalk zodat de toxinen werden opgeslagen in het vetweefsel van de valk. Wanneer de valken in de winter hun vetreserves moesten aanspreken werd het opgehoopte gif de vogel fataal.

Meerdere vrijwilligers van de vogelwerkgroep van Natuur en Milieu de Vechtstreek verzorgen nestkasten voor de Torenvalk. Zij houden ze schoon en gaan regelmatig op stap om te zien of er al eieren of jongen zijn. De  Torenvalken in dit verslag behoren allemaal tot de nestkasten welke worden gecontroleerd  door Willem Havinga en Feike Hoogland.  

0001

Dit Torenvalkje kijkt voorzichtig, maar ook nieuwsgierig naar ons vanachter de veilige rand.

De nestkasten worden geplaatst in een stevig boom, op een afstand van minimaal 4 meter boven de grond of aan een paal; zoals hier. De kast moet redelijk vrij uitzicht hebben over een weiland, akkerland of braakliggende grond: Een goede plek is vaak een houtwal of solitaire boom.

Omdat de kasten hoog zitten en men het broeden niet te lang wil verstoren wordt de kast eerst gecontroleerd door middel van een camera, die contact heeft met een monitor,  zodat men vanaf de grond kan waarnemen of er eieren in het nest zijn, hoever een broedsel is en of de jongen al groot genoeg zijn om te ringen.  

Han Bouman bevestigt de camera aan een lange paal  

0003

Hans Sybesma houdt de camera voor de nestopening van de kast terwijl Han Bouman, Willem Havinga, Cees Sybesma en ik de beelden bekijken.  

0004

Hier een foto van de camera voor de opening van het nest. Deze maakt contact met onderstaand scherm van de monitor.  

0005

Hier zien we één van de jonge Torenvalken nieuwsgierig in de camera kijken. Wij zien nu onmiddellijk dat deze valkjes nog even moeten wachten op een ring; ze zijn hier nog te klein om te ringen en er ligt zelfs nog een ei in het nest dat hoogst waarschijnlijk nog uitkomt.

0006

 Dit kleintje komt uit een ander nest van Willem. Voor deze kleine dringt de tijd want als de donsveertjes zijn verdwenen zal dit kuiken het nest verlaten. Hier krijgt de kleine vogel een ring van Han Bouman.  

0007

De vleugel moet nog gemeten en dan moet het valkje nog even op de weegschaal.

0008

Het opnemen ( Han Bouman links) en noteren ( Mieke Bouman rechts) van de biometrische gegevens.

0009

Het wegen van een jonge Torenvalk.  

0010

0011

Na het opnemen en opschrijven van de biometrische gegevens mag de valk terug in de zak en wordt de valk terug geplaatst in de nestkast.  

0012

In 2016 hebben we 53 jonge torenvalken van een ring van het Vogeltrekstation kunnen voorzien.

Verslag: Han Bouman en Ella Roelfs                               Fotografie: Ella Roelfs

Zoeken